bij het scheepvaartmuseum

bij het scheepvaartmuseum
Als schipper van het V.O.C. schip de Amsterdam

zaterdag 21 oktober 2017

Hij die reist kan verhalen vertellen 3.2 - Bijpraten bij fakkellicht op het strand


Uit de Reeks: Hij die reist, kan verhalen vertellen
 
Periode januari/februari 1978
 
In 3 delen, deel 2 van 3

Bijpraten bij fakkellicht op het strand



 

De meiden gebruikten de tijd op Jamaica om te zonnen en te zwemmen in zee. Om te slapen onder de ruisende palmen. Of om de geur van wilde limoenen in te ademen tijdens de ritjes langs de plantages. Men zag mij in de schaduw slapen of zitten lezen in het boek Beekman en Beekman van Toon Kortooms. Twee keer per week gingen we met de boot van George mee om zijn lading op te halen. Als het donker was genoten de meiden het meest van een dergelijk tocht. Het gaf hen het gevoel zoals op de avond Blankenberg – Vlissingen op de motorsailor van Els.

Toen we daar op onze 1e tropenavond op het strand lagen te genieten van de zee en haar branding, praatten ze me bij hoe het met Rent Rooms stond. Pa had veel sloopwerk gedaan met een hulpje. Na de feestdagen was men begonnen met de verbouwing. Er wordt in gedeeltes betaald door Pa, de neven hadden graag contant geld.
"Onze taak: Met regelmaat Pa zijn bankrekening op peil houden," zei Janna.
Ze lieten me foto’s zien die Ma van Rent Rooms gemaakt had in de afgelopen maanden. De klusjesmannen hadden zo te zien hun best gedaan. De laatste berichten waren dat ze eind maart met de buitenkant klaar dachten te zijn.
Onze badkamer is naar jouw wens gemaakt Peter. Hij is goed geworden zag ik op de foto’s. We kunnen nu ons stuk zeep er laten vallen," zei Janna.
 
 

Hilary daarop: "De inventaris voor de woonkeuken, evenals voor de slaap- en woonkamer wordt handgemaakt door de meubelmaker van het dorp, dit was een idee van de neven. Pa is drie dagen bezig geweest met een hogedrukspuit om de binnenmuren haar oorspronkelijke kleur terug te geven. Ma wil onze appartementen verhuur doen, het worden er drie en die aan de achterkant vervallen. Die ruimte is benut om iedere kamer een eigen natte cel te geven."

 
 

"Op de achterplaats zijn twee ruimtes voor (2 x vier bedden) voor de rugzak toeristen," vervolgde Hilary, "deze zijn er volgens de Papás met gitaar, tamboerijn en het lange haar ontbreekt ook niet. Voor deze zijn er twee douches met drie Turkse wc’s. Ma haar verhuur begint op gang te komen. Een dochter van een nicht van haar gaat alles schoonhouden, wassen en strijken neemt zij ook onder haar hoede. Ik zou graag bij thuiskomst door naar Lentas gaan om de appartementen van RR in te richten, dan kan er deze zomer al verhuurd worden. Al het linnengoed is bij Leentje besteld, dit neem ik dan gelijk mee. Als de klusjesmannen bij ons klaar zijn gaan ze naar Why Not. Het tussenstuk krijgt de naam Chez Gabriël en de oude keuken laat Els er in."

 
 

"Jopie heeft ons laten weten dat het restaurant alleen in de periode april – september geopend zal zijn," zei Janna.
"Als ober hebben de jongste zoon van de slager gevraagd. Hij zal dan ook het ontbijt verzorgen voor de gasten van Porto Lenta, samen met die van RR in het restaurant gedeelte van Chez Gabriël.
De opening van Chez Gabriël verwacht men in mei. Ze verwachten ons daarbij aanwezig te zijn. Ik heb ze laten weten dat we er zijn, Karel en Corry doen dan even De Druif. Els en Jopie wonen al boven in het pand. Beneden komt een luxe appartement voor Annemerel met Annalies, zij verbleven vroeger drie maanden in De Leugenaar en willen nu naar Lentas komen. Ze willen Pa en Ma dan helpen bij de verhuur van de strandstoelen op drukke dagen.
Zo, wat Lentas betreft ben je weer bijgepraat."
"Nu nog Peter zijn baan," zei Hilary, "ondernemer in de vervoersbranche op het strand van Lentas."
Ze liet me het onderstaande plaatje zien.

 

 

Vervolg: De Druif met Last Go Naked


Recht zo die gaat!
F.L..Woodleg



zondag 15 oktober 2017

Hij die reist kan verhalen vertellen 3.1 - MS Rio Yaque


Uit de Reeks: Hij die reist, kan verhalen vertellen

MS Rio Yaque, een ex uit de Van Uden vloot

Periode januari/februari 1978

In 3 delen, deel 1 van 3.


Foto: Cees van der Ende


MS Rio Yaque.

Na mijn aflosperiode op de Rijnhaven door naar de Rio Yaque.

Nu eens varen onder de vlag van de Dominicaanse Republiek, callsign HIVN 209, snelheid 15 knoop, motorvermogen 3000 pk.
Was gebouwd in 1967 als Niobe onder Franse vlag, callsign FUGX. Aangekocht in 1973 door Van Uden gaf men haar de naam Seinehaven, callsign PHKJ. Onder de Nederlandse vlag heeft zij tot november 1976 gevaren.
Toen in de vaart als Rio Yaque voor de familie Martinez. Het was een semikoelschip met 8 ingebouwde tanks, door haar eerste twee eigenaren gebruikt voor de wijnvaart. Nu werden deze tanks gebruikt om geconcentreerde vruchtensappen te vervoeren. Zij had een time charter via Van Uden varend voor United Fruit Company.
In een lijndienst Kingston Jamaica - Tampa Florida. Kingston was de laadhaven voor het sap, evenals voor het fruit in de koelcontainers aan dek voor Tampa. Tweeënhalve dag op zee. Tampa als loshaven. Vierentwintig uur stond er voor lossen en laden van de lege containers. In Jamaica gebruikten we 48 uur voor het lossen/laden. Als het donker wordt behoort men te rusten volgens de ongeschreven 'Wet van de Caribic'. Kingston was een echte doorvoerhaven voor het containervervoer aan het worden voor de Caribic.
Het had een goede commerciële ligging op de lijn Europa – Panamakanaal.
De planning bij de Container Terminal, waar wij ook moesten laden, deed Guus de Neuker, een Brabander die het beste fungeerde na zes glazen rum.

Op 1 maart stond mijn aflosser op de kade tezamen met de meiden en de door hen gehuurde brommertjes. Ze waren er al drie dagen, het agentschap had ze naar George gebracht zoals de afspraak was. Ze wilden hun koffer uitpakken. Pech, de oude vissershut op het strand had geen kastruimte en geen mogelijkheid tot koken.
"Eten buiten de deur Peter?"
Er lagen wel drie nieuwe matrassen met beddengoed plus de nodige badlakens. Dit had George z'n vriendin Mathilda op mijn verzoek gedaan. We mochten ook gebruik maken van haar wasmachine. Al het sanitair was buiten zonder deuren, een fles naast de wc pot en de douche een stuk slang met douchekop. Stroom een draadje voor de koelkast. De zee op loopafstand, het strand rondom de hut was privé.


Strandhut Jamaica

 
Het is nog primitiever dan Giethoorn meiden, maar er wordt geen huur gevraagd. Bij vertrek geven we George en Mathilda een hand dollars. Vrijdag a.s. mag een van jullie mij naar het agentschap rijden, daar ligt dan mijn gage afrekening handje contantje, deze keer in US dollars. Nu even de strandstoelen bij George halen dan gaat de telegraaf voor even op stop’.
Hoe heb jij George leren kennen?' vroeg Janna.
Via mijn privéhandel Janna, ik belde hem vanaf zee dat ik om zo laat voor de haven was. Hij kwam ons dan tegemoet met zijn vissersschuit enkele mijlen voor de haven uit het zicht van de kust. Daar zette de bemanning de pallets met Amerikaanse sigaretten/whisky op zijn boot. Het pad naar de hut heet niet voor niets 'Allee du Contrabanden'.
Dit verklaard nu waarom Juffrouw Küp ons drie weken geleden belde met de mededeling dat ze twee vliegtickets voor Jamaica bij British Airways wilde gaan bestellen als wij haar een vertrekdatum wilden geven,' zei Hilary, 'met de nummers van onze monsterboekjes’.
 



 
Het vervolg deel 2: bijpraten...
 
Recht zo die gaat!
F.L..Woodleg

 

donderdag 28 september 2017

Ruinen 1961


Een mijmering over een twaalfjarige jongen die in oktober 1961 op de Openbare Lagere School in Ruinen kwam.

Nu gepensioneerd zeeman van achtenzestig jaar.

Hoe de toen twaalfjarige jongen met licht getinte huidskleur in 1961 zijn eerste schooldag en de rest van het schooljaar op de Openbare Lagere School in Ruinen heeft ervaren.
Wat de oorzaak was dat ik in Ruinen kwam te wonen wordt mijn sluitstuk.
Deze mijmering ontstond op een koude dag in het begin van mei 2017, het sneeuwde zo nu en dan hier, de nachten waren ook nog onder nul. Overdag even boven de nul, te koud om buiten wat te gaan doen.
Hier is Noord-Zweden, provincie Jämtland, plaats Hoting gelegen aan de E45 en nog 1000 km van de Noordkaap.
Sim mijn hond had zich naast mijn stoel opgekruld, zo te zien ook geen zin om naar buiten te gaan. Tijd voor een mijmering.
 
 
Ruinen
 

Oktober 1961:

De verhuizing was in de herfstvakantie gepland. Toen de verhuiswagen het erf op reed bij Westerstraat 22, ging de kleine deur in de baander bij de buren Smid open. Buurvrouw Lammegie, boer Hilbert en zoon Japik kwamen er in draf uit. Ze wilden wel helpen de wagen leeg te maken, dan konden ze gelijk zien wat die westerlingen aan meubels hadden.
De eerste schooldag na de herfstvakantie mocht ik me bij bovenmeester Sikke van der Zee van de 6e klas melden. Mijn eerste indruk van de school was een gang waar de jassen aan haken hingen met klompen eronder.
"Aan het einde van de gang, laatste deur links, is de 6e klas," zei meester de Vries.
Ik klopte op de deur, deze werd opengedaan. Wat een grote klas! Het was een klas, van wat later bleek, van zeker achtentwintig klasgenoten. Ik werd zeer aandachtig opgenomen, vooral door enkele meisjes. Ik droeg schoenen, geen klompen. Even vertellen wie ik was en waar ik woonde. Toen mocht ik een plek uitzoeken van de bovenmeester. Geert Waning bood mij een plek aan in de bank voor Rikus Kloeze en achter Marietje Gritter en Trijntje Middelveld. De toen al zeer verouderde dubbele schoolbanken met de inktpot voor de Talens inkt nog in het midden. Deze laatste was buiten gebruik. Hans Faber, in de bank in de rij ernaast, gaf me een balpen te leen. Iedere bank had een set lesboeken waar je samen mee moest doen, wel hadden we allemaal een eigen reken- en taalschrift.
Dictee werd op losse blaadjes gedaan, hiervoor mocht ik afkijken bij Marietje Gritter. Mijn Nederlandse taal in geschrift was allerbelabberdst in die tijd.
 
 
Openbare Lagere School - Ruinen

 
Na het speelkwartier achter op de fiets (mijn fiets stond op de deel in de Westerstraat) want: "Wil joe metvaren?" zoals Geert Waning het vroeg, zo van spring maar achterop. Op naar het gymlokaal aan de Wolvenweg, hier zat ook het badhuis in. Dit badhuis was op de zaterdag open, wat de prijs voor een douche was weet ik niet meer, maar het was er altijd gezellig druk, zowel bij de dames als bij de heren. De beheerder was Tinus Hut.
Op de Internationale Scholen waar ik tot dan toe op gezeten had, was de klasgrootte zo'n zes tot twaalf leerlingen, de voertaal was Engels. We droegen een schooluniform, de Nederlandse en Belgische kinderen kregen vier uur les in de Nederlandse taal, een uur Geschiedenis of Aardrijkskunde. In Singapore werd dit door nonnen gedaan van Nederlandse en Belgische afkomst. Deze school was in een deel van het klooster gevestigd. De abt van het klooster gaf gym in de vorm van voetbal. De nonnen schreven zo en ogen nog met dubbel o.
Als tegenprestatie voor het spieken bij Marietje moest ik haar de antwoorden van het rekenwerk geven. Mijn eerste vrije woensdagmiddag van school, dit had ik nog nooit mee gemaakt woensdagmiddag vrij. Met Jan Hut (de latere stratenmaker) werden we door zijn moeder met een van hun konijnen lopend naar de ram gestuurd. Richting Gijsselte ging het, het konijn in de kar. De kosten voor de dekking waren één gulden contant te betalen.
We sleepten ook met enkele jongens uit de klas takken, oude autobanden, oud papier en alles wat maar branden wilde naar een plek op de Es voor het paasvuur. Als zesdeklasser was je ook verkeersbrigadier bij de schoolingang aan de Oosterstraat. Je deed dit met z'n tweeën in een gele jas met witte riem en een klaar-over bord, de ene kant rood, de andere kant groen. Om twaalf uur en om half vier weer.
Tevens ging er iedere dag een zesdeklasser de klaslokalen rond om een lijstje voor de bestelde schoolmelk voor deze dag op te halen en gelijk de kwartjes te innen. Dat was de kostprijs voor zo'n flesje melk met een zilveren dop met rietje. Dan naar de melkfabriek om de hoek om de bestelling met het geld af te geven aan een van de werknemers. Deze zorgde dan dat de flesjes in kratten voor iedere klas klaar stonden. Voor het ochtendspeelkwartier moest de melk in de lokalen zijn, weer een klus voor een zesdeklasser om toerbeurt. Evenals na het speelkwartier de flesjes weer terugbrengen naar de fabriek.
Wie was de bedenker van zoiets waar het merendeel van de kinderen wel een koe op stal had staan thuis? De zesde klas uit Ruinen had wel een zeer gemêleerde samenstelling van kinderen.
Om er zo maar eens een paar te noemen:
Hans Faber en Jan Pegels, zonen van politieagenten.
Zwaantje Kolk en Arie van Egten hadden ouders met een transportonderneming.
Hans Kattenwinkel was zoon van de veearts.
Grote Roelof Hut was van de snackbar uit de Westerstraat.
Jan Hut en Jacob Kelly waren zonen van stratenmakers.
Hennie Prent van de Klompenwinkel van de Ruinerdijk.
Jenny van Duzen, haar moeder had een kapperszaak. De overige zullen wel kinderen zijn geweest van ouders met een agrarisch beroep.
 
Sinterklaas ging onze klasdeur voorbij omdat wij zongen "Zie de maan schijt bruine bonen".
De meester stond namelijk bij de deur en zei tegen Sinterklaas en zwarte Piet: "Gaat u maar door, deze kinderen zijn het niet waard dat u hen een bezoek brengt!"
Eén keer per week een uur Bijbelles van dominee Mulder(s).
Naar mijn weten een keer uitleg van een harpspeelster over een harp in zaal Hees.
En een toneeluitvoering voor de jeugd door de toneelvereniging.
De Gemeente Ruinen had voor al haar lagere scholen eens per jaar een sportdag voor de zesdeklassers, dit werd op de Klinge gedaan naast de school. De kinderen uit Stuifzand en Pesse kwamen met een bus. Die uit Echten en Ansen op de fiets. Zwemmen deden we in de Olde Aa. Schaatsen op het Sukerveen.
De schoolreis werd in de laatste schoolweek gedaan, op de fiets naar Balk in Gaasterland - Friesland voor vijf dagen. Bij terugkomst ging ieder zijn weg vanaf de Uffelterbrug, of de Sikke er heeft gestaan weet ik niet. Ik fietste terug met Hilco Wulf van de Leeuwte. Er is naar mijn weten nooit een klassenfoto gemaakt.
De enige uit deze klas die ik zo nu en dan nog wel eens spreek als ik even in Nederland verblijf en een rondje Ruinen doe, is Hendrik Smit. Eerst in Oldenhave, later achter op Hees met zijn vrouw Jannie. Ze zijn nu al enkele jaren melkveehouders in ruste.
Veel oude winkels in de Westerstraat, evenals het politiebureau, de smederijen van Grote Nijstad en Jan de Wit zijn verdwenen. Ook de loonwerker Lammert Nijstad met zijn grote groene Deutz tractor en grote dorsmachine. Zo ook de boeren uit het dorp en aan de Brink. Er kwamen andere uitbaters voor terug: de Chinees, een supermarkt, de winkel van Roel Beekelaar nu Kapsalon Jantine. Dit laatste pand was destijds mijn ouderlijk huis.
Ook de school waar ik over schreef is gesloopt, de bomen Juliana en Bernhard hebben ze laten staan. Ruinen valt nu onder gemeente De Wolden, is het een vooruitgang geworden?
 
 
 
 
Trijntje Tiesema van Reint Horlings Installatiebedrijf aan de Brink gaf in de zomer van 1962 een voorbeeld van de vooruitgang. Demonstraties over hoe een wasautomaat zijn werkt deed. De Ruunders mochten hun eigen vuile was komen brengen. Ze kregen hun was na de demonstratie van de machine weer schoon en gecentrifugeerd mee naar huis. Nog even uithangen thuis, dan kon het zo het kabinet weer in dat in de zondagse kamer stond.
En het Runer feest niet te vergeten, waarbij je dagenlang Anneke Grönloh door de luidsprekers hoorde schallen vanaf de zweefmolen van Visser.
Ik ben in ieder geval nooit een Ruunder geworden, ik woonde er maar vier jaar. Maar nu loop ik er nog steeds met veel plezier door het dorp, neem met mijn vrouw een ijsje bij de ijscoman op de Brink. Soms even door het Pasmanshuus, de ouderlijke boerderij van klasgenoot Jan Alberts Gzn.
In m'n tijd voor Ruinen reisde ik regelmatig mee met mijn ouders tussen Nederland en Singapore. M'n moeder was operatieverpleegster bij het Internationale Rode Kruis. Ze werd zodoende vaak uitgezonden naar oorlogs- en rampgebieden in en om het Verre Oosten. M'n vader was in zijn laatste dienstjaren als militair attaché verbonden aan de ambassades in en om Maleisië. In hun verlofperiode verbleven we vaak in Ede, Voorthuizen of Scheveningen. Dan zat je weer in schoolklassen met kinderen die weer ouders in het leger hadden of verbonden waren aan de ambassades. Je zag het aan de nummerborden met CD of KL op de auto’s waarmee ze naar school werden gebracht.
De Ruunder kinderen uit de buurtschappen Hees, Gijsselte, Oldenhave, Leeuwte en de Benderse kwamen op de fiets met of zonder kettingkast.
Hoe kwam ik in Ruinen, deze wereld van verschil?
Mijn ouders waren in 1960 gescheiden, de oorzaak was de nieuwe keukenmeid Sjaan. Dit was haar voornaam die ze had opgegeven bij het solliciteren als hulp in de huishouding bij mijn ouders. In 1972 was dit blaadje Sjaan of Jantje zeker ook verdord en vertrok mijn vader uit Ruinen.
Ik had dit al op maandag 4 april 1965 gedaan met de plunjezak op mijn rug, het monsterboekje (zeemansboekje) in de binnenzak. Met de bus van kwart over één, die stopte voor Café Hees, naar Meppel. Daar op de trein, een enkeltje naar Amsterdam. Hier nam ik achter het Centraal Station een taxi naar het Oostelijk havengebied. De taxichauffeur informeerde bij zijn taxicentrale of deze aan de havendienst wilden vragen waar precies de kustzeesleper Baltic Ranger lag.
 
 
Oostelijk havengebied Amsterdam
 
"Het Oostelijk havengebied is groot zeeman," zei de taxichauffeur.
De kapitein monsterde mij aan als koksmaat/ketelbinkie en hulpje voor chef-kok Nol. Mijn eerste zeereis van 400 zeemijl ging naar Middlesbrough UK. Wat was ik zeeziek bij windkracht 8 uit het noordwesten. Ik was nog geen zeeman.
Wat had ik die twee dagen graag weer op de trap onder de Ruiner Toren gezeten.
Maar denkend aan de laatste wijze woorden van Sjaan (Jantje Zinger), mijn stiefmoeder, die bij de deur van het pompenstraatje tot mij sprak: "Je zult wel voor galg en rat opgroeien," ben ik toch maar blijven varen.
Ik heb haar in elk geval nooit meer gezien, laat staan gesproken.
De volgende blog over de MS Rio Yaque, het vervolg op de MS Rijnhaven.
 
Recht zo die gaat!
F.L..Woodleg
 
 
 

donderdag 21 september 2017

'No bra no problem' vervolg



 

Mijn vraag in het bericht van 13 april j.l. op deze blog was: 'Dames die mijn blog volgen, pakken wij deze actiegroep weer op?' Het woord was aan jullie.

Vijf lezeressen van de eenentwintig die graag wilden komen, stuurden een aanmelding per e-mail. We zouden dan bekijken of “No Bra No Problem” nu nog levensvatbaar zou kunnen zijn. De uitnodigingen voor 9 september gingen de deur uit. Om 12.00 uur bij Smits Koffie op het plein Amsterdam CS. De Druif vonden we eigenlijk geen geschikte locatie meer.
 
 
Het oude Noord-Hollands Koffiehuis Smits bij CS Amsterdam
 
 
Na de koffie 1 minuut stilte voor Tante Jopie, Annelies, Dientje en Alberdien.
 
Ik had zeker wel een aanmelding uit Frankrijk verwacht vanaf het Canal du Midi.
 
De dames van het eerste uur Pia, Janna en Hilary zijn op deze middag tot ereleden benoemd. Uit ons midden werd Els unaniem tot voorzitter gekozen, Gonny voor het secretariaat. Annemerel tot penningmeester. Sjaan, Aal, Leentje, Bep en Irene waren nog lid. Er hadden zich geen nieuwe leden gemeld uit mijn lezersgroep. Wel jammer, het was nu een clubje van zestigers en zeventigers geworden en de vraag rees 'wie komt er het eerst met een rollator?'
 
Als enige man binnen dit gezelschap werd ik nu de controleur in ruste.
De voorwaarde was: 'Peter jij betaalt onze drankjes bij het etentje met een Irish coffee toe.' De notulist heeft er notie van genomen dat ik dit ieder jaar zal doen als de actiegroep van nu niet groter zal worden.
Dit voorstel werd aangenomen met algemene stemmen. Hilary deed de “No Bra No Problem” administratie over aan Gonny. Om 17.00 uur sloot de voorzitter de vergadering.
 
We namen de trein naar Zandvoort.
Sjaan had daar een tafel geboekt bij restaurant Chef Thomas. Hier voegden Rob, Jean Luc en Michel zich bij ons, zij hadden een middagje Haarlem gedaan.
Er waren kamers voor de nacht in het Bell Hotel gereserveerd. Rob had deze avond bardienst. Aan de bar van het Bell Hotel werd nog lang door gepraat over onze gezamenlijke tijd in Amsterdam, Giethoorn/Schoterzijl en Lentas. De volgende reünie 2 september 2018 bij Janna in Cap d’ Agde, in “Centre Naturiste René Oltra”. Janna met haar Jean Luc zouden de gastvrouw en gastheer zijn. Dit moest ik nog wel in de notulen van 9 september 2017 plaatsen.
 
Tot zo ver“No Bra No Problem”. De dames waren het er unaniem over eens dat de BH-ontwerper een man moet zijn geweest. Ik kon de dames een ander verhaal vertelen;  het was namelijk een vrouw, de Française Cadolle. Zij vroeg eind 19e begin 20e eeuw het eerste patent aan op de BH. Bekijk de site http://www.cadolle.com (klik) maar eens, onderaan ook over de historie.
Het was de Fransman Paul Poiret die in 1904 de eerste BH maakte met cups die de borsten scheiden. Wie had de sluiting van haakjes aan de achterkant bedacht?
Ik zag wel bij alle dames aan de eettafel de BH met bandjes. Deze zijn nu nodig i.v.m. de zwaartekracht op deze leeftijd begreep ik, zoals een trouwe lezer "de toekomstige buurvrouw” mij schreef als reactie op mijn verhaal van 13 april jl.
 
 
Het nieuwe "Noord-Zuid Hollands Koffiehuis" bij CS Amsterdam

 
Recht zo die gaat!
F.L..Woodleg
 




donderdag 7 september 2017

Wie reist, beleeft iets. MS Rijnhaven - deel 2


Deel 2 van 2
Over de MS Rijnhaven Callsign PHFT van 1975

Najaar 1977


Een gesprek via de scheepsradio tussen twee schepen onderling in elkaars nabijheid op de onderlinge frequentie 2391 Khz.
 
Op mijn laatste reis met de Rijnhaven naar Havana sprak ik via de Scheepsradio op de Onderlinge met Kapitein Teun.
Bij hem had ik gevaren op de sleepboten Baltic Ranger als keteljongen tezamen met mijn zeevader Kok Nol. Op de Baltic als matroos onder het toeziend oog van Bootsman Maarten. Teun was nu in dienst bij Smit Lloyd en was onderweg naar de Golf van Mexico met als sleep een werkponton.
 
 
 
 
Het gesprek via de scheepsradio:
 
Kapitein Teun:
Nog een half jaar Zeun dan gaan meester Geert en ik met pensioen. De hondjes van Schoffie leven nog, met de jaarwisseling worden ze twaalf jaar (lees maar in het kerstverhaal van 1965 HIER (klik). Nog even dan mogen ze elke dag naar het strand van IJmuiden. De Meester en ik gaan dan voor onze ‘Schoot Aan’ naar café Willem Barentsz, jou zeker nog wel bekend. Onder het genot van de borrel luisteren we dan naar Freddy Quinn. Maarten* zet deze muziek steevast voor ons op. Maarten en Trijntje zijn altijd benieuwd of ik nog wel eens iets van jou en Frits hoor. Sterretje schieten hoeft hier niet meer met een Satnav navigator. Ik ga even naar jou luisteren Zeun, over.
 
Na het 'over' van Teun neem ik gesprek over:
In mijn volgende verlof laat ik me even naar de Willem Barentsz rijden.
Bij ons aan boord gaat het nog met de sextant Kapitein, maar ja, wij zijn een logge tramper zoals de Engelsen zeggen.
Op Cuba word ik weer afgelost, zal dan doorreizen naar Jamaica om de Rio Yaque over te nemen in Kingston, een koelschip voor een periode van twee maanden. Hilary en Janna zie ik dan eind februari op Jamaica, we nemen daar een paar weken vakantie. Heeft u dit goed mee gekregen, over.
 
Teun:
Goed te vernemen dat je Hilary nog steeds ziet Zeun, het is ook een fijne warme familie die Goldappels. Pa Goldappel zei wel eens als hij je terug aan boord bracht: "Ik hoop dat jouw kokshulp later bij mij in de zaak wil komen", over.
 
Ik:
Nou Kapitein, ik ben niet zijn opvolger geworden, maar ik mag altijd onder zijn dak slapen met of zonder Hilary, ‘by the way’ zij wonen nu op Kreta, over.
 
Teun:
Nu Zeun, het is anders gegaan door je ongeluk. Graag had ik je nog eens aan boord willen hebben. Een goede aankomst, ik hoor je wel weer als je op de Rio Yaque vaart. Wij blijven voorlopig in de Golf bevoorradingen doen voor boorplatforms. Voor nu over en uit, de Spraks gaat de verkeerslijst nemen.
 
Ik:
U ook een goede reis verder, doe ze de groeten in Galveston, over en uit.
 
* Maarten was voor hij café Willem Barentsz overnam bootsman geweest bij Teun aan boord.
 
Dit verhaal gaat verder met de m.s. Rio Yaque.
Maar de volgende keer eerst even vlug een tussendoortje met No bra no problem.
 
 
Recht zo die gaat!
F.L..Woodleg
 


donderdag 31 augustus 2017

Wie reist, beleeft iets. MS Rijnhaven - deel 1


Deel 1 van 2
Over de MS Rijnhaven Callsign PHFT van 1975

Najaar 1977

 
Foto Cees van der Ende
 
 
In het laatste weekend van september namen Rob en Pia De Druif weer van ons over. Voor ons stond de mini klaar die voorzien was van een extra grote doos rumbonen plus de zes zuurstokken van meneer Jamin. Via Muiden, Amersfoort, Zwolle, Zwartsluis naar Giethoorn. Alle drie verlangend naar een zwoele nazomer. Hilary had in de achter ons liggende maanden zes weken Kongo gedaan voor Artsen Zonder Grenzen. Daarnaast was ze veel gevraagd als uitzendkracht bij het Marine Hospitaal te Overveen, evenals bij het Militair Hospitaal voor Dr. A. Mathijzen in Utrecht, het huidige Oog in AL ziekenhuis.
Deze keer geen bezoek van Jopie en Els. De dames uit Vlissingen waren bezig met de overdracht van "Hotel De Leugenaar".
 
De woensdagmiddag zou Dientjes middag worden. Hier had zij om gevraagd toen zij met haar zus een dagje Amsterdam deed. Dientje wilde haar EHBO-diploma halen. Ze had graag de verpleging in gewild als jong meisje, maar als oudste van de zes kinderen met een zieke moeder ging het werk op de boerderij voor. Hilary gaf haar dan uitleg in het verband leggen, reanimeren, slagaderlijke bloedingen, enz. Janna en ik waren de proefpersonen. Het verband weer oprollen was ook onze taak. 's Avonds met Harm erbij naar de Chinees in Wolvega.
 
De avonden en nachten waren alweer fris met nevel over de landerijen. Boer Smit had al een paar zakken met hout op de deel gezet. Het werd een tijd van boerennachten. Na de afwas en de douche namen we vaak plaats rond de kachel. Tijd voor de boerenjongens met de extra scheut brandewijn. Het derde glas kreeg al gauw de naam in de bedstee. Mede doordat we vaak voor het slapen gaan er nog een rumboon bij deden. De doos met rumbonen lag op de beddenplank. Vaak doofde een van ons de kaars en zaten we in het donker te genieten van de stilte. Als Jans Bokking was wezen buurten werd het later, hij was gek op onze koffie met de rumboon.
Na drie weken Giethoorn deed Janna de hut op slot. Het gebruikelijke etentje in Ruinerwold bij de Klok.
 
Voor mij lag er de MS Rijnhaven van Van Uden in de Merwehaven van Rotterdam. De meiden gebruikten de resterende vrije dagen om nog even naar Lentas te gaan om het schepijs van Pa te gaan proeven.
 
 
Met een ijsje van pa...


Ze gingen gelijk onze verbouwingsplannen/-ideeën voor Rent Rooms verder uitwerken met de neven van Hilary die ook Porto Lenta weer het goede aangezicht hadden gegeven. Pa en Ma waren zeer tevreden over het door hen geleverde werk.
Afgelopen augustus had Pa voor het eerst ijs gedraaid. Ze hadden het dorp een uitnodiging gegeven voor koffie met ijs op het terras na de kerkdienst op zondag. De bewoners waren tevreden huiswaarts gekeerd. De Papás vond het een verrijking voor het dorp, hij kwam regelmatig een praatje maken.
Voor de bezoekers van het strand hadden Pa en Ma hetzelfde gedaan, maar dan tegen de tijd dat de mensen naar huis gingen.
 
Onze plannen voor 'Why Not' voor het restaurant gedeelte was goed door de dorpsraad ontvangen, het latere Chez Gabriël. De bank wilde Why Not niet verhuren, alleen verkopen. Dit ging boven ons budget. Ons florijnen zouden wij te hard nodig hebben voor de verbouwing van Rent Rooms.
 
Janna had naar Vlissingen gebeld, ze had het pand 'Why Not' beschreven met het verhaal erachter. Jopie en Els waren er naartoe gereisd en als eigenaars van 'Why Not' teruggekomen. Het pand met keuken - restaurant zouden zij de naam Chez Gabriël geven. In het andere pand zagen ze wel een mooie woning.
 
Als alles volgens plan verliep, zouden de meiden eind februari afreizen naar Jamaica, daar werd ik dan weer afgelost van de MS Rio Yaque de ex Seinehaven.
 
Maar eerst de Rijnhaven (2). Callsign PHFT. Een schip van 1975 gebouwd als Janne voor de Noorse reder Per Jacobson. Deze had haar tijdens de bouw doorverkocht aan Van Uden. Er stond een 2000 pk Mak in, deze gaf haar een snelheid van 12 knoop.
 
Voor mij werd het tot eind december op en neer Cuba – Rotterdam/Moerdijk met laden en lossen, een rondreis van 28 dagen. De basis van deze dienst was het Cubaanse nikkel. Naar Cuba bestond de vracht uit stukgoed met gebruikte vrachtwagens en met afgeschreven autobussen van diverse busmaatschappijen uit Nederland. Op Cuba zag men deze bussen nog rijden in dezelfde kleuren en met de naam van de oude eigenaren.
Voor de liefhebbers van Amerikaanse auto’s uit het midden van de jaren vijftig is Cuba een lustoord.
 
 
 
 
Deze Rijnhaven (2) is in 1981 verkocht naar Italië, zij kreeg de naam Adriana, callsign IVFE.
In 1997 is ze spoorloos verdwenen, vermoedelijk gezonken op een reis van Alexandrië naar Trapani (Sicilië). Geen spoor van de 12 bemanningsleden.
 

Recht zo die gaat!
F.L..Woodleg
 
 
 

zaterdag 8 juli 2017

Schepen van de redersfamilie Beck uit Groningen


Beck 1861 – 2003


Deze keer drie schepen van de familie Beck die de naam Vedette hebben gehad.

 
 
Vedette nr. 2 (1967)


 
Als beginnend stuurman gevaren op de Vedette (2), zij was wel de kleinste in tonnenmaat van de drie.
Een van de belevenissen op deze Vedette staat in mijn verhaal van 23 april 2015 Het motorbaasje (klik).
In
1983 Verkocht de rederij deze Vedette, ze behield haar naam met als thuishaven Groningen.
1987 Voer zij onder de vlag van St. Vincent and the Grenadines met de naam Vedette.
1998 Had deze Vedette als thuishaven San Lorenzo en op haar achterschip de vlag van Honduras.
2007 Zien we de Vedette geregistreerd in Georgetown op haar achterschip wapperde de vlag van Guyana.
2013 Bestaan van deze Vedette twijfelachtig. Er wordt wel aangegeven: De degelijkheid van de Groningse scheepsbouw met de groene Jan Brons hoofdmotor uit Appingedam als voortstuwing.

 

Vedette nr. 1 (1957) in het Kielerkanaal (Noord-Oostzeekanaal)

 
Vedette nr. 2 (1957) later als Rigina
 

De eerste Vedette was gebouwd in 1957 callsign PIEO. Zij was van het type half shelter dekker.
De eigenaren drie maal Beck, Jacob, Johannes en Klaas.
Ze had als hoofdmotor een Brons van 650 pk, 11 knopen op de scheepslog bij de proefvaart, laadvermogen 1030 ton, 59 meter (loa).
De geschiedenis van haar:
In
1962 Vaart zij met de Zweedse vlag, callsign SKLG, naam Westbris, thuishaven Skärhamn.
1976 Rigina Zweedse vlag, callsign SKLG, thuishaven Gävle.
1988 Rigina callsign J8GQ, haar vlag op het achterschip die van Guyana.
2015 Bestaan van deze eerste Vedette twijfelachtig.
 


De Seabee in 2014 (ex Vedette nr. 3).
Foto's afkomstig uit het Douwe Jorritsma archief.
 

In 1990 kwam de Vedette (3) in de vaart met een laadvermogen van 3500 ton, lengte 86 meter, motor een Mak van 1320 Kw.
Eigenaren Globecka, Nobecka, Tribecka met Vebecka.
Het geeft weer aan dat we met een stuk Groningse scheepsbouw van doen te hebben.
In
2003 Verkocht aan of overgenomen door Merweship B.V., naam Vedette.
2005 Vaart zij met thuishaven Douglas (eiland Man) op het achterschip rond. Callsign MGQV6, onder de naam Vedette.
2010 Alara, callsign SV4PR. Later in dit jaar kreeg ze de naam Seabee.
2014 Nog als Seabee, callsign E5U2864, maar met de vlag van Cook Islands.
 
Beck had voor zijn schepen Europa als vaargebied.
Na de verkoop gingen de Beck schepen vaak de grote wijde oceanen over.

 
 
De proefvaart van de Liberty (1952).
 
 
De Liberty, bouwjaar 1952, van de Rode Beck familie, callsign PFOT. Een 600 tonner met de Brons van 375 pk, type gladdekker.
In
1969 Is zij door Beck verkocht.
1976/77 zag ik haar nog in de Fiji archipel rondscharrelen onder de naam Papuan Liberty met de vlag van Papua New Guinea, thuishaven Port Moresby.
1978 Was de eigenaar de rooms-katholieke kerk uit Port Moresby, ze werd gebruikt als kerkschip.
1982 Heeft men haar laten zinken.
Een mooie afscheid van een schip waar menig feestje op is geweest in de kapiteinssalon in haar laatste jaren voor Beck.
 
 

Op deze foto de Liberty in de kleur 'Beck grijs'.
 
 

Het kantoor van Beck in Groningen.
 

Recht zo die gaat!

F.L..Woodleg


 
 

donderdag 25 mei 2017

Hij die reist, kan verhalen vertellen 2... 2

Een nieuw verhaal, nu uit de periode half februari - maart 1977 in twee afleveringen.

Titel: Wikken en wegen, we waren gewoon impulsief.

Deze twee verhalen zijn het vervolg op onze tijd op de Fiji archipel na het vertrek van de ms Blue Marleen in 1977.


Deel 2 van 2 



Het pand "Rent Rooms", Lentas - Kreta
 

Thuis onder de koffie vroeg Pa: 'Laat ons weten wat jullie van ons plan vinden nadat jullie het pand of de panden hebben bekeken. En nu naar bed, ik zie dat jullie er aan toe zijn.'
'Mag het ook, ze hebben meer dan 60 uur gereisd!' zei Ma.
In bed zei Janna: 'Laten wij Taverna Porto Lenta met Rent Rooms morgenochtend gaan bekijken!'
'Doen we,' zei Hilary, 'Peter zal, net als wij, ook het Rent Rooms gevoel krijgen.'
Meer van het gesprek heb ik niet verstaan, toen mijn hoofd het kussen raakte was ik al in slaap.

Een paar dagen later gingen we de drie panden gezamenlijk nog eens bekijken. De makelaar gaf informatie, er waren bouwkundige rapporten met de reden van afkeuring. Hij gaf ons de sleutels zodat we nog eens rustig door de panden konden lopen. Op een middag kwam hij nog eens langs. De bank had hem laten weten dat de prijs was aangepast naar objectieve belastingwaarde. De overdracht met de kosten van de advocaat nam de bank voor haar rekening. De meiden hadden gelijk, Rent Rooms zou bij ons passen.
Rent Rooms was het pand, we voelden elkaar goed aan alleen spraken we het niet uit. We konden soms impulsief zijn en corrigeerden elkaar niet. Het werd ons gesprek van de daaropvolgende dagen. Op de bankjes van het plein in de schaduw met een zicht op Rent Rooms en er later nog even naartoe lopen.
 
 
 
 
De prijs van het pand (RR), in Amsterdam had je er nog geen garagebox voor. Na een goede renovatie zouden we beneden ons eigen appartement hebben met een woonkamder, slaapkamer, terras aan zeezijde met een ruime woonkeuken. Die was nu in gebruik geweest als keuken voor het restaurant.
Wanneer kunnen we er verblijven? We hadden alle drie een betaalde baan. De opbrengst van de verhuur zou te klein zijn. Vijf kamers boven, voor elk der kamers zou er een natte cel moeten komen. Op de achterplaats twee ruimtes (2 x vier bedden) voor de rugzak toeristen zoals Hilary het benoemde. Maar waren deze er? Een goede renovatie was zeker daar ook nodig, plus een douche met wc’s.
Ik zei: 'Meiden, denk aan onze afspraak bij Kraantje Lek onder de Holle boom, als een van ons drieën er zijn twijfels er over heeft, zij of hij met een goed argument komt, dan laten we een plan varen.'
Ik ging verder met mijn verhaal: 'Er is nog een mogelijkheid voor inkomen. Het 3e paviljoen 'Why Not' en daar een kleine grillbar in tijdens de zomermaanden. Jullie beiden in de bediening, ik achter de grill, het ijstoetje komt bij Pa vandaan.'
'Luister,' zei Janna, 'als Pa en Ma Porto Lenta nemen en wij RR dan is Why Not minder aantrekkelijk voor een vreemde, ook al is het 't grootste van de drie horeca gelegenheden.'
'Nu maak je het mij wel erg moeilijk,' zei Hilary, 'maar jouw idee is het overwegen waard Peter.'
'De aankoop van RR kan van onze spaartegoeden,' zei Janna.
'Laten we het straks met Pa en Ma bespreken onder ons aperitief,' zei Hilary, 'Pa en Ma keken ervan op jullie hier in Lentas.'


 

Ik heb twee totaal verschillende dochters met aanhang,' zei Pa, 'Brenda huisje, boompje, beestje komt ons bezoeken met de kinderen, dat wel, maar London heeft haar voorkeur. Frits kan hier niet in slaap komen van de stilte 's nachts. Hij zou hier boten met scooterverhuur kunnen gaan doen. Maar jullie idee wil ik met de dorpsraad bespreken, de Papás is er het hoofd van,' zei Pa, 'hij weet nu ook wie Piechje is zoals Ma je altijd blijft noemen Peter. Als zij zien dat ze er ook aan gaan verdienen, dat de avond- en de zondagse rust in het dorp gewaarborgd blijft, dan zullen zij hun medewerking geven.
Dan stel ik voor om de makelaar te laten komen. Ik leg hem jullie voorstel voor om een optie te krijgen op RR onder voorbehoud van jullie plan met Why Not. Hierna ga ik een afspraak maken met de bankdirecteur in Heraklion, de makelaar zal daar ook wel bij willen zijn.'
Na het eten en de afwas gingen we nog even naar RR, toen we binnen waren zong ik 'Lentas here we come'.
Hilary vroeg: 'Waar heb ik dit lied eerder gehoord?'
'Luister,' zei ik, 'het was mijn eerste kerst van huis, kerst in London 1965. De bemanning van de Baltic Ranger zong dit lied toen zij op de kade in het busje stapte om voor de feestdagen naar huis te reizen.'
'Jij kroop toen op kerstavond bij mij in bed boef.'
'Had je dan anders verwacht?' vroeg ik.
'Bloosde hij toen ook bij jou?' vroeg Janna.
'Laat ik nu altijd het gevoel hebben gehad dat jullie mij als de engel Gabriël zagen.'
'Oh, goede moeder Maria,' zei Hilary, 'jij die zich een engel voelt, word jij maar onze chef kok in de grillbar Chez Gabriël.
'Een prachtige naam,' zei Janna, 'met de statenbijbel bij de ingang.'
'Ik eer en bemin. Kom,' zei ik, 'laat ons naar de herberg van Maria gaan voor een Ouzo.
'Onze minnaar is bij de Papás geweest,' hoorde ik in twee talen.
'Amen,' zei ik.

Bij ons vertrek naar Amsterdam hadden Pa en Ma onze machtigingen voor de aankoop van RR. Het wachten was op de dorpsraad en de bank of wij Why Not mochten huren.
Eind maart stonden we weer op het Rapenburgerplein. Rob en Pia wilden nog even naar de jachthut in Giethoorn voor het zomerseizoen begon. Bij terugkomst hoorden zij over Rent Rooms.
Het eerste wat wij vanuit Lentas vernamen was dat de bank Why Not niet wilde verhuren.
Janna keek ons aan: 'Dan toch maar RR kopen?'
'Oké,' hoorde ze van ons.
'Vanavond bel ik Els en Jopie,' zei Janna, 'ik wil hen vertellen over Why Not.'

De bank verwachtte van ons een officiële Nederlandse overeenkomst van een jurist vertaald naar het Grieks, dat een ieder voor 1/3 eigenaar is van RR. Dit moest voor de overdracht bij de bank zijn. De aankoopprijs van RR had de bank graag in US dollars gezien bij haar filiaal in Den Haag.
 
 
Janna: "Mέchri tin epόmeni forά" (Tot de volgende keer)
 
  
Recht zo die gaat!
F.L..Woodleg
 

Als er tijd is in mijn zomerreces komen de Schepen met de naam Vedette van Beck aan de beurt.

Na het zomerreces over mijn tijd op de schepen Rijnhaven, met de Rio Yaque van Rederij Van Uden uit Rotterdam.